Juridische vraag: Wanneer moet je ID-kaart aan politie tonen?
10-02-2010,07:00 doorArnoud Engelfriet
Heb jij een uitdagende vraag over beveiliging, recht en privacy, stel hem aan ICT-jurist Arnoud Engelfriet en maak kans op zijn boek
"De wet op internet".

Arnoud is van alle markten thuis, maar vindt vooral in technische / hacking vragen een uitdaging. Vragen over licenties worden niet behandeld, aangezien die geen raakvlak met beveiliging hebben. De Juridische vraag is een rubriek op Security.nl, waar wetgeving en security centraal staan. Elk kwartaal kiest Arnoud de meest creatieve vraag, die dan zijn boek zal ontvangen.

Vraag: In dit filmpje wordt iemand beboet en meegenomen omdat hij geen identiteitsbewijs bij zich heeft. Maar je hoeft toch niet altijd een identiteitskaart bij je te hebben in Nederland? Ik dacht dat je hem alleen moet kunnen tonen als je bij een misdrijf betrokken bent of je in een gebied met een speciale verordening bevindt.

Antwoord: Dat was wel zo maar tegenwoordig is de wet een stuk strenger. Volgens de Wet op de Identificatieplicht kan een agent in principe altijd een identiteitsbewijs vorderen:

Een ieder die de leeftijd van veertien jaar heeft bereikt, is verplicht op de eerste vordering van een ambtenaar als bedoeld in artikel 8a van de Politiewet
1993, een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 ter inzage aan te bieden. Deze verplichting geldt ook indien de vordering wordt gedaan door een toezichthouder.


Er hoeft dus geen sprake te zijn van verdenking van een misdrijf of iets dergelijks. Werk je niet mee, dan krijg je een boete (artikel 447e Strafrecht: 3800 euro!).

Wel moet de agent een redelijke grond hebben om het identiteitsbewijs te vorderen. Volgens artikel 8a Politiewet 1993 moet een vordering "redelijkerwijs noodzakelijk [zijn] voor de uitoefening van de politietaak."

In deze aanwijzing identificatieplicht worden enkele voorbeelden genoemd van wanneer dat het geval zou kunnen zijn:

  • een auto rijdt ‘s nachts rond op een industrieterrein;
  • er vindt op straat of in een café een schietpartij plaats en het is relevant voor het onderzoek om de identiteit van (mogelijke) getuigen vast te stellen;
  • in een groepje bekende dealers duikt een onbekende op;
  • bij onrust of dreigend geweld in uitgaansgebieden en/of openbare manifestaties waarbij gevaar van ordeverstoring aanwezig is;
  • verkeersovertredingen;

Niet noodzakelijk is vorderen in deze situaties:
  • bij preventief fouilleren met betrekking tot personen bij wie geen wapens of drugs worden gevonden of een andere aanleiding bestaat.
  • grotere groepen personen zonder verdere aanleiding in het algemeen controleren op het identiteitsbewijs.

Mocht je bewusteloos op de grond liggen na een overval, dan kan het voor de politie nodig zijn om je identiteitsbewijs in te zien zodat ze weten wie je bent. Het is dan formeel gezien verplicht jezelf te identificeren. Maar dat is wat lastig, vandaar dat de aanwijzing het niet opportuun acht om in deze situaties van het vorderingsrecht gebruik te maken.

Als een agent dus om je ID-kaart vraagt, moet je hem die tonen tenzij er geen enkele reden is waarom hij die zou willen inzien. Maar bedenk wel dat het een lastige discussie is: je gaat die agent dan namelijk vertellen dat hij zijn werk verkeerd doet.

Vraagt een agent om je ID-kaart, dan kun je ook hem vragen of zich te legitimeren. Dit moet vanwege artikel 2 van de Ambtsinstructie.

Arnoud Engelfriet is ICT-jurist, gespecialiseerd in internetrecht waar hij zich al sinds 1993 mee bezighoudt. Hij werkt als partner bij juridisch adviesbureau ICTRecht. Zijn site Ius mentis is één van de meest uitgebreide sites van Nederland over internetrecht, techniek en intellectueel eigendom. In 2008 verscheen zijn boek "De wet op internet".