Twitter beloofde Gonggrijp te beschermen
14-11-2011,11:00 doorRedactie
Het privacybeleid van Twitter waar Rop Gonggrijp en andere Wikileaks-sympathisanten mee akkoord gingen, beloofde hun gegevens te beschermen zolang ze de gebruikersovereenkomst niet schonden. Vorige week oordeelde een Amerikaanse rechter dat de drie Wikileaks-sympathisanten geen redelijke verwachting van privacy hadden, waarbij hij naar het privacybeleid van 2010 wees. Dit is niet het privacybeleid waar Gonggrijp, Jacob Appelbaum en het IJslandse parlementslid Birgitta Jonsdottir mee akkoord gingen. Hoe de rechter dit heeft kunnen missen is volgens privacyonderzoeker Christopher Soghoian nog onduidelijk.

"Er is een klein probleem als je vertrouwt op een privacybeleid dat op 16 november 2010 is gemaakt, bij het bepalen van wat een redelijke verwachting van de privacy van deze drie individuen is. Zij maakten hun Twitter-accounts enkele jaren eerder aan voordat het document werd geschreven." Het beleid waar de drie toen mee akkoord ging verschilt van het huidige beleid. Destijds liet Twitter weten dat er geen IP-adres aan persoonlijke identificeerbare informatie werd gekoppeld. Deze verklaring werd in een nieuwe versie van het privacybeleid door Twitter verwijderd.

Twitter liet in het oude privacybeleid weten dat er aanpassingen konden worden doorgevoerd, maar dat men die zelf op de website moest lezen. Nergens staat dat gebruikers via e-mail voor een nieuwe versie worden gewaarschuwd. In plaats daarvan is het aan gebruikers om zelf regelmatig op de website te kijken of er updates beschikbaar zijn.

Rechter
Soghoian merkt op dat hij niet de eerste onderzoeker is die benadrukt hoe idioot het privacybeleid van websites is, of dat niemand ze leest. Hij wil echter aangeven dat de rechter niet alleen oordeelt dat drie individuen geen verwachting van privacy hebben als het gaat om het overhandigen van hun gegevens aan de overheid, maar ook dat hierbij de verkeerde versie van het privacybeleid wordt aangehaald.

Was de juiste versie aangehaald, dan zou de rechter hebben kunnen bepaald dat de drie wel een redelijke verwachting van privacy hebben en dat de overheid een gerechtelijk bevel nodig heeft om de gegevens te verkrijgen.