Minister Van Weel van Justitie en Veiligheid gaat kijken naar de manier waarop de politie informatie over burgers verzamelt en hoe dit moet worden aangepast om aan wettelijke kaders te laten voldoen. Dat schrijft de bewindsman in een brief aan de Tweede Kamer. Aanleiding is onderzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) naar de Teams Openbare Orde Inlichtingen (TOOI) van de politie.
Het TOOI verzamelt informatie om vooraf ernstige verstoringen van de openbare orde in te schatten. Het gaat dan bijvoorbeeld om voetbalwedstrijden of demonstraties. De informatie die het politieteam verzamelt betreft personen die eerder betrokken waren bij ordeverstoringen, bijvoorbeeld bij demonstraties of voetbalwedstrijden. Het team krijgt hierover informatie van burgerinformanten uit de omgeving van deze mensen. Elke regionale politie-eenheid beschikt over een TOOI.
De politie baseert het werk van het TOOI op artikel 3 van de Politiewet. Dat artikel staat alleen een ‘geringe inbreuk op iemands privacy’ toe. Uit onderzoek van de AP blijkt dat het TOOI soms echter verder gaat dan een ‘geringe inbreuk’, als het langdurig informatie verzamelt over iemand en zo een min of meer compleet beeld opbouwt van het leven van diegene. Bijvoorbeeld als iemand vaker demonstreert. "Dat kan grote gevolgen hebben voor deze persoon", stelt de Autoriteit Persoonsgegevens.
Volgens de AP heeft het politieteam op dit moment geen wettelijk kader voor het heimelijk verzamelen en verwerken van persoonsgegevens. Ook stelt de toezichthouder vast dat er een grondslag ontbreekt voor de verwerking van persoonsgegevens van potentiële informanten door het TOOI. Het politieteam verzamelt al informatie over mensen voordat zij zijn gevraagd om politie-informant te worden. Deze mensen weten dus niet dat de politie informatie over hen verzamelt. Daarnaast verwerkt het team in sommige gevallen bijzondere persoonsgegevens, zonder dat daarvoor een toereikende grondslag bestaat.
Het ontbreken van een wettelijke basis brengt allerlei risico's met zich mee, aldus de AP. "Het stukje bij beetje inperken van grondrechten draagt het risico in zich dat de som der delen leidt tot een onevenredige inbreuk op grondrechten. En de ervaring leert dat het terugdraaien van genomen maatregelen of verleende bevoegdheden maar weinig gebeurt. Een ander belangrijk aspect is het chilling effect dat kan optreden en ook andere grondrechten raakt, zoals demonstratievrijheid: de mogelijkheid bestaat dat mensen steeds minder gebruik zullen (durven) maken van hun grondwettelijke vrijheden."
Van Weel laat verder weten dat er een juridische analyse zal worden uitgevoerd. "Hierbij kijk ik expliciet naar de implicaties van de analyse op het werk van TOOI. Verder zal ik samen met de Korpschef en het gezag een juridische verkenning doen naar de mogelijke handelingsopties van de politie. Hierbij zal worden bekeken op welke wijze de werkprocessen van TOOI moeten worden aangepast zodat de informatievergaring en -verwerking binnen de wettelijke kaders plaatsvindt." Er kan dan worden gekeken naar welke gegevens de politie verzamelt.
Door het aanpassen van de werkwijze van het TOOI kan het zijn dat hiermee alsnog binnen het huidige wettelijke kader van de Politiewet kan worden gewerkt, schrijft de minister. Het kan echter ook zijn dat uit de juridische analyse blijkt dat bepaalde werkzaamheden van TOOI niet meer mogen plaatsvinden. In dat geval zegt de minister dat wordt onderzocht welke stappen dan noodzakelijk zijn.
Je bent niet ingelogd en reageert "Anoniem". Dit betekent dat Security.NL geen accountgegevens (e-mailadres en alias) opslaat voor deze reactie. Je reactie wordt niet direct geplaatst maar eerst gemodereerd. Als je nog geen account hebt kun je hier direct een account aanmaken. Wanneer je Anoniem reageert moet je altijd een captchacode opgeven.