Het kabinet wil de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding (Twbmt) permanent maken, ook al adviseert de Raad van State dit niet te doen en stelde het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) dat hiervoor geen noodzaak is. Daarnaast is de wet volgens de onderzoekers niet noodzakelijk voor de bestrijding van terroristische activiteiten.
De Twbmt is op 1 maart 2017 voor vijf jaar in werking getreden en op 1 maart 2022 met vijf jaar verlengd. De wet bestaat uit bestuurlijke maatregelen die kunnen worden ingezet in situaties waarin het strafrecht (nog) geen mogelijkheid tot ingrijpen biedt. Zo kunnen er vrijheidsbeperkende maatregelen aan personen worden opgelegd, zoals een meldplicht, gebiedsverbod, uitreisverbod en contactverbod. "Het gaat daarbij om personen die op grond van hun gedragingen in verband kunnen worden gebracht met terroristische activiteiten of de ondersteuning daarvan", zo stelt het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Onderzoekers van het WODC keken naar de toepassing van de maatregelen. In de onderzoeksperiode van 1 maart 2017 tot en met juni 2024 zijn aan negen personen in totaal dertien maatregelen opgelegd. "In de praktijk kiest men vaker voor andere maatregelen, die geschikter zijn en eenvoudiger op te leggen. Bovendien kan niet worden vastgesteld of de wet bijdraagt aan het voorkomen van terroristische activiteiten", aldus het WODC.
De Raad van State is ook zeer kritisch, zowel over de invoering van de tijdelijke wet, als over het voorstel om de wet permanent te maken. Reden daarvoor is dat nut en noodzaak van de wet niet overtuigend zijn gemotiveerd, terwijl de wet wel kan leiden tot een inperking van grondrechten, zoals de bewegingsvrijheid, het recht op privéleven en de vrijheid van vereniging en vergadering. Ook het Unierecht is volgens de Raad van State in het geding, aangezien de maatregelen een inperking kunnen opleveren van het vrij verkeer van personen binnen de Europese Unie.
Vanwege de grote impact op grondrechten moet het kabinet nut en noodzaak grondig motiveren, maar dat is zowel bij de invoering van de tijdelijk wet als het voorstel voor het permanent maken niet gedaan, stelt de Raad van State. Vanwege de verschillende bezwaren adviseert de Raad van State het kabinet om het voorstel in zijn huidige vorm niet in te dienen bij de Tweede Kamer. Het kabinet negeert dit advies en gaat dit bewust wel doen, zo laat het ministerie van Justitie en Veiligheid in een persbericht weten. Het kabinet claimt dat het essentieel is dat het instrument kan worden ingezet als dat nodig is voor de bescherming van de nationale veiligheid.
Je bent niet ingelogd en reageert "Anoniem". Dit betekent dat Security.NL geen accountgegevens (e-mailadres en alias) opslaat voor deze reactie. Je reactie wordt niet direct geplaatst maar eerst gemodereerd. Als je nog geen account hebt kun je hier direct een account aanmaken. Wanneer je Anoniem reageert moet je altijd een captchacode opgeven.