Door Anoniem: Door Anoniem: Hoeveel menselijkheid moet opgegeven worden om een (rijke, welvarende) economie te krijgen zoals wij die hebben? (iets minder retorisch)
Zoals ik het heb meegemaakt waren de organisaties met ruimte voor dit soort menselijkheid juist productiever dan organisaties waar dat ontbrak, dus ik denk niet dat het botst met een rijke economie, ik denk juist dat het die ondersteunt.
Je zegt het goed: "dit
soort menselijkheid". Dat is de soort die de doelstelling van winstvorming op de korte termijn niet in de weg zit.
Dat is de menselijkheid die door de bedrijfsleiding
geïnstrumentaliseerd kan worden zodat er meer geld verdiend kan worden.
Dat is een heel specifieke soort, die meestal beperkt is tot de omgangscultuur van de werknemers onderling. Vermoedelijk is door bedrijfspsychologen al tot op drie cijfers achter de komma uitgerekend hoeveel van deze vorm van menselijkheid zich verdraagt met de winstdoelstellingen van het bedrijf en wanneer er ingegrepen moet worden in deze cultuur omdat het break-even point gepasseerd is.
Maar wat versta je onder productiviteit?
Ik heb het niet over productiviteit, maar over de hoogte van het GDP/ BBP, het totaal van de geldswaarde van alle transacties in een (nationale) economie.
Productiviteit als zodanig is al helemaal een relatief begrip in het kader van menselijkheid in de economie (bedrijfsleven) want om de arbeidsproductiviteit te verhogen wordt menige werknemer ontslagen om zijn werk te vervangen door techniek (automatisering). Is dat per definitie menselijk?
We hebben de "move fast and break things"-mentaliteit die het mogelijk maakt om als een gek markten te veroveren en stinkend rijk te worden. Is dat werkelijk productief?
Nee, dat is alleen "productief" voor één procent van de bevolking (op wereldniveau).
Maar dat is wèl de richting waarin de Europese economie steeds meer uitgaat: het belang van een bedrijf voor de financiële markten.
Dit betekent dat het belang van de werknemers ("hun" bedrijf) nòg minder gaat wegen. Dan wordt een productief bedrijf verkocht op het moment dat er het meeste geld voor geboden wordt.
Dat is al heel lang aan de gang in Europa (neoliberalisering van een halve eeuw), maar deze
versmalling van het bedrijfsdoel, richting de 1%-groep, is op dit moment aan het accelereren (
financialisering van de economie).
Een bedrijf wordt m.a.w. niet meer opgericht om een duurzame positie en een zinvolle arbeidsplek voor haar werknemers te creëren (het
Rijnlands ondernemingsmodel, waarbij continuïteit van de onderneming belangrijker is dan het nemen van een snelle kortetermijnwinst), maar om zo snel mogelijk verzilverd te worden. Zie:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Rijnlands_model.
Uiteraard is dat de mentaliteit van een horde sprinkhanen die een akker kaalvreten, maar dat is precies de dynamiek die aan de gang is.
Er is m.i. een stille "oorlog" aan de gang tussen degenen die het werk doen en de sprinkhanen, degenen die er met de opbrengsten vandoor gaan.
De oude begrippen van de eerbiedwaardige Karl Marx over het conflict tussen Kapitaal en Arbeid zijn hyperactueel.
Het hangt allemaal samen met hoe de economie georganiseerd is (wordt).
Wel voor degenen die er stinkend rijk mee worden natuurlijk, maar parasiteren die niet op de rest van ons? De laatste tijd zie ik, vooral uit de VS maar hier begint het geloof ik ook, nieuws dat bedrijven grote aantallen werknemers lozen omdat ze het werk voortaan door AI laten doen. ChatGPT kwam pas drie jaar geleden publiek beschikbaar, en nu al zien we dat bedrijven allerlei varianten van generatieve AI inzetten om mensen te lozen. Dat gebeurt terwijl we weten dat die systemen hallucineren, maar de snelheid van de besparingen lijkt belangrijker te zijn dan correctheid. Move fast and break things. Is dat productief? In mijn ogen is dat destructief. En het lijkt wel alsof menigeen zich er toch op stort uit angst dat de concurrentie een voordeel haalt ermee. Knap krankzinnig in mijn ogen.(..)
Onze economie
is krankzinnig en mensvijandig/ destructief.
Onze economie is in de kern
chaos en gebaseerd op 'the survival of the fittest' (darwinisme).
Niemand heeft overzicht, markten zijn vaak volatiel, het hangt aan mekaar van elkaar een poot uitdraaien, bluf en snelheid.
En natiestaten
verhogen de chaos (ondoorzichtigheid) door direct te interveniëren in de economie (bijvoorbeeld economische oorlogvoering o.b.v. sancties).
Het proces van vraag en aanbod van producten en diensten, productie en consumptie, wat de kern van de economie is en de prijsvorming die daarop gebaseerd moet zijn, wordt voortdurend verwrongen, scheef getrokken, geperverteerd en misbruikt voor andere doeleinden.
Omdat niemand overzicht heeft, alleen hele machtige partijen/ monopolies, die markten kunnen manipuleren, is iedereen gevoelig voor kuddegedrag en aapt de ander na uit angst om de boot te missen.
Het is allemaal een gevolg van te weinig overzicht in en controle van de economie waardoor elk bedrijf zich overgeleverd voelt en voor een groot deel blind vaart op de golven van de oceaan van de wereldeconomie.
Een economie kan alléén aan iedereen ten goede komen als het gebaseerd is op het principe van
broederschap - dat is een begrip uit de Franse revolutie (1789-1799).
Dat is het tegenovergestelde van
concurrentie.
Concurrentie is een economisch principe dat uit de koker komt van de "1%-groep", het is een vorm van verdeel_en_heers, die toegepast wordt op de organisatie van de economie.
Je zou het ook een imperialistisch concept kunnen noemen, wat gebaseerd is op verovering en onderwerping (asymmetrie).
Wij worden dus allemaal systematisch gebrainwashed om te denken dat we de ander moeten kapot concurreren. Hoezeer wij daarmee voor de gek gehouden worden bewijzen de monopolies en grote bedrijven zelf: die doen vrolijk aan kartelvorming, samenwerken dus.
Het gaat erom om samen te werken om samen te kunnen overleven.
Dat is een heel andere doelstelling dan in je eentje overleven omdat je het machtigst bent geworden.
Verkeerd gebruikte macht is de grootste valkuil van de mens(heid).
Jouw voorbeeld van de creatie van Linux is een voorbeeld van samenwerking van wat jij "hobbyisten" noemt, mensen die de motivatie hebben om iets te maken wat intrinsieke
kwaliteit heeft (een goed product), niét wat het meeste geld oplevert.
Onze economie wordt pas goed op het moment dat dergelijke hobbyisten
binnen het bedrijfsleven dat werk betaald kunnen doen omdat dat bedrijfsleven (in grote lijnen) dezelfde doelstelling heeft als deze "hobbyisten": duurzame kwaliteit voor zoveel mogelijk mensen (universeel).